- Home
- Onderwerpen
- AWBZ
- Voor burgers
- Veranderingen in de AWBZ
- Pakketmaatregelen begeleiding
AWBZ
Pakketmaatregelen begeleiding
De AWBZ is sinds 1 januari 2009 veranderd.
- Strengere selectie voor AWBZ-begeleiding
- Grondslag psychosociaal uit AWBZ
- Verandering aantal uren begeleiding
- Eigen bijdrage voor volwassenen
- Wat betekent het voor u?
- Geen AWBZ-begeleiding meer, wat dan?
Verandering van de AWBZ-begeleiding is hard nodig. De begeleiding is bedoeld voor mensen met matige of ernstige beperkingen. Mensen die zonder begeleiding de kans lopen dat ze in een instelling terechtkomen of verwaarloosd raken.
Omdat ook veel andere mensen - zonder matige of ernstige beperkingen -van de AWBZ-begeleiding gebruikmaken, wordt de AWBZ te duur. Zo duur, dat het ten koste gaat van die mensen voor wie de AWBZ eigenlijk bedoeld is. Wat de regering daaraan doet, kunt u hieronder lezen.
Strengere selectie voor AWBZ-begeleiding
Alleen mensen met matige of ernstige beperkingen op een aantal specifieke onderdelen krijgen nog AWBZ-begeleiding. Het onderscheid tussen activerende en ondersteunende begeleiding is vervallen. Nu bestaat alleen nog de functie begeleiding.
Het is lastig te zeggen wat deze verandering in de AWBZ per persoon betekent. Dat kan pas na 2009, als het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) of het Bureau Jeugdzorg (BJZ) iedereen individueel opnieuw beoordeeld heeft.
Het CIZ en BJZ beoordelen sinds 1 januari 2009 alle bestaande indicaties en nieuwe aanvragen voor AWBZ-begeleiding op een nieuwe manier. Dit betekent dat er in 2009 misschien al iets verandert in de begeleiding die u krijgt. Wie een doorlopende indicatie heeft, krijgt daar eventueel pas vanaf 1 januari 2010 mee te maken. Deze nieuwe beoordelingsmethode moet ervoor zorgen dat alleen mensen met matige of ernstige beperkingen nog een indicatie voor AWBZ-begeleiding krijgen.
Het gaat bij die nieuwe beoordeling om de ernst van de beperkingen op 5 onderdelen:
sociale redzaamheid (de regie over het eigen leven)
bewegen en verplaatsen (het zelfstandig voortbewegen)
probleemgedrag (agressief of dwangmatig)
psychisch functioneren (denken, concentreren en waarnemen)
geheugen- en oriëntatiestoornissen (geheugen en bewustzijn)
In de nieuwe situatie krijgen mensen geen indicatie meer voor begeleiding uit de AWBZ als het gaat om beperkingen op het gebied van:
persoonlijke verzorging en het sociale leven (eten en drinken, wassen en aankleden)
huishoudelijk leven (maaltijden, kleding verzorgen, lichte schoonmaak)
maatschappelijk leven (sociale contacten en activiteiten buitenshuis)
psychisch welbevinden (depressie, angst, eenzaamheid)
Grondslag psychosociaal uit AWBZ
Mensen die vanwege psychosociale problemen recht hadden op ondersteunende begeleiding in dagdelen of op persoonlijke verzorging (de ‘grondslag psychosociaal’), kunnen sinds 1 januari 2009 bij de gemeenten terecht. Dat zijn bijvoorbeeld mensen in de maatschappelijke opvang, vrouwenopvang of ontregelde gezinnen. De gemeenten verzorgen voor deze groep de begeleiding. Dat valt onder de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).
Om mensen niet plotseling te confronteren met de verandering is 2009 een overgangsjaar. Maar voor mensen met een psychosociale grondslag geldt geen gewenningsperiode zoals voor mensen met een andere grondslag.
Verandering aantal uren begeleiding
AWBZ-begeleiding wordt in dagdelen en in uren gegeven. Het maximale aantal dagdelen verandert niet; dat blijft 9 dagdelen per week. Het aantal uren begeleiding kan wel veranderen. Sommige mensen zullen minder uren krijgen, voor andere verandert er niets.
Naar bovenEigen bijdrage voor volwassenen
Vanaf 1 januari 2010 gaat iedere volwassene die AWBZ-begeleiding krijgt een eigen bijdrage betalen. Voor de andere functies in de AWBZ gold die eigen bijdrage al.
Naar bovenWat betekent het voor u?
De veranderingen van de AWBZ-begeleiding kunnen voor u het volgende betekenen:
u krijgt een nieuwe indicatie en er verandert niets aan de begeleiding;
u krijgt een nieuwe indicatie waarbij het aantal uren begeleiding minder wordt;
u krijgt geen nieuwe indicatie en daarom ook geen AWBZ-begeleiding meer, omdat uw beperkingen te licht zijn om nog langer voor deze begeleiding in aanmerking te komen.
Geen AWBZ-begeleiding meer, wat dan?
Wie geen nieuwe indicatie krijgt, kan de begeleiding op een andere manier regelen. Bijvoorbeeld door hulp te zoeken in de naaste omgeving of zelf de begeleiding in te kopen. Er is afgesproken dat deze mensen daar ondersteuning bij kunnen krijgen van MEE.
Wie zijn AWBZ-begeleiding in de loop van 2009 verliest, krijgt bovendien een gewenningperiode, waarin de oude indicatie begeleiding maximaal 6 maanden doorloopt. Zo heeft iedereen ruim de tijd om zich voor te bereiden op de verandering. Die gewenningsperiode is als volgt geregeld:
mensen die vóór 1 juli 2009 het recht op AWBZ-begeleiding verliezen, krijgen een gewenningsperiode van 6 maanden
mensen die tussen 1 juli en 30 september 2009 het recht op AWBZ-begeleiding verliezen, krijgen een gewenningsperiode van 3 maanden
mensen die tussen 1 oktober en 31 december 2009 het recht op AWBZ-begeleiding verliezen, krijgen een gewenningsperiode van maximaal 3 maanden. Die periode begint op het moment dat de indicatie vervalt en eindigt in alle gevallen op 31 december 2009.
De gewenningsperiode is dus alleen bedoeld voor mensen die geen nieuwe indicatie krijgen voor AWBZ-begeleiding. Wie alleen minder uren begeleiding krijgt, komt niet voor de gewenningsperiode in aanmerking. Voor mensen die vanwege de grondslag psychosociaal geen AWBZ-begeleiding meer krijgen, is de gewenningsperiode ook niet bedoeld.
Naar boven
